De voorzitter opent de zitting op 23/06/2025 om 20:03.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de vorige vergadering goed.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder artikel 74
De notulen van de vorige vergadering worden ten minste acht dagen voor de dag van de vergadering ter beschikking gesteld van de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn. Elk raadslid heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen door de raad voor maatschappelijk welzijn worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast. Als er geen opmerkingen worden gemaakt over de notulen van de vorige vergadering worden de notulen als goedgekeurd beschouwd.
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de vorige vergadering goed.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de jaarrekening 2024 De Pinte - deel OCMW vast.
Decreet over het Lokaal Bestuur, in bijzonder artikelen 77, 78, 260, 261
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
Omzendbrief KB/ABB 2019/4: strategische meerjarenplannen 2020-2025 lokale en provinciale besturen
Omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3: aanpassing meerjarenplannen 2020-2025 lokale en provinciale besturen
De jaarrekening is een gezamenlijk beleidsrapport voor gemeente en OCMW en bevat een:
Het actieplan is het rapporteringsniveau in 2024.
Artikel 249 stelt dat de beleidsrapporten van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn een geïntegreerd geheel vormen: de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen over hun deel van elk beleidsrapport.
Nadat de raden zo het beleidsrapport elk voor hun deel hebben vastgesteld, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed.
Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.
Het MAT besprak de jaarrekening op 27 mei 2025.
De jaarrekening heeft in 2024 een:
In het OCMW zal er vanaf 2019 altijd een exploitatietekort zijn, omdat er geen gemeentelijke bijdrage meer vloeit naar het OCMW.
De gemeente zorgt ervoor dat het OCMW zijn financiële verplichtingen kan nakomen.
Deze tussenkomst gebeurt in functie van de actuele liquiditeitstekorten (momentopname) en de interne facturatie.
Verder zijn er geen vaste afspraken over de wijze waarop het bedrag wordt bepaald, daarom is die beslissing (tussenkomst van de gemeente aan het OCMW) impliciet vervat in de beslissing over de vaststelling van de jaarrekening waarin de tussenkomst in kwestie verwerkt is.
Een bespreking van de verschillen tussen raming en rekening kan je terugvinden onder 3.8
Besluit van de gemeenteraad van 24 juni 2024 betreffende goedkeuren meerjarenplanaanpassing 2020-2025 nr.5 - deel OCMW
Besluit van het MAT van 27 mei 2025 betreffende voorontwerp jaarrekening 2024 De Pinte
Besluit van het vast bureau van 2 juni 2025 betreffende kennisnemen jaarrekening 2024 De Pinte - deel OCMW
Fractie BLAUW: Ik ga mij onthouden, de kas in De Pinte/Zevergem zit letterlijk goed vol. We vragen ons nog steeds af waarom er een belastingverhoging moest doorgevoerd worden, want grote investeringen bleven uit.
Fractie Vooruit onthoudt zich. Er zijn heel wat kredieten ingeschreven maar niet gerealiseerd zoals extra impulsen die gegeven zouden worden voor de werking van het jeugdhuis. Er waren ook heel wat investeringen voorzien maar niet gerealiseerd. Veel staat nog ingeschreven op 2025 maar deze zijn niet meer te realiseren in 2025. Zoals jeugdhuis, ondergrondse glasbollen, openbare verlichting, aquario, toegankelijke bushaltes. Hoe realistisch is deze jaarrekening? Ondertussen werden wel meer belastingen geïnd.
De fractie ruimte onthoudt zich. De jaarrekening is de (financiële) vertaling van het gevoerde beleid.
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de jaarrekening 2024 De Pinte - deel OCMW vast.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de jaarrekening 2024 Nazareth - deel OCMW vast.
Decreet over het Lokaal Bestuur, in bijzonder artikelen 77, 78, 260, 261
Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
Ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen
Omzendbrief KB/ABB 2019/4: strategische meerjarenplannen 2020-2025 lokale en provinciale besturen
Omzendbrief KBBJ/ABB 2020/3: aanpassing meerjarenplannen 2020-2025 lokale en provinciale besturen
De jaarrekening is een gezamenlijk beleidsrapport voor gemeente en OCMW en bevat een:
Het actieplan is het rapporteringsniveau in 2024.
Artikel 249 stelt dat de beleidsrapporten van de gemeente en het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn een geïntegreerd geheel vormen: de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen over hun deel van elk beleidsrapport.
Nadat de raden zo het beleidsrapport elk voor hun deel hebben vastgesteld, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed.
Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.
Het MAT besprak de jaarrekening op 27/05/2025.
De jaarrekening heeft in 2024 een:
In het OCMW zal er vanaf 2019 altijd een exploitatietekort zijn, omdat er geen gemeentelijke bijdrage meer vloeit naar het OCMW.
De gemeente zorgt ervoor dat het OCMW zijn financiële verplichtingen kan nakomen.
Deze tussenkomst gebeurt in functie van de actuele liquiditeitstekorten (momentopname) en de interne facturatie.
Verder zijn er geen vaste afspraken over de wijze waarop het bedrag wordt bepaald, daarom is die beslissing (tussenkomst van de gemeente aan het OCMW) impliciet vervat in de beslissing over de vaststelling van de jaarrekening waarin de tussenkomst in kwestie verwerkt is.
Besluit van de gemeenteraad van 24 juni 2024 betreffende goedkeuren meerjarenplanaanpassing 2024/1 - deel OCMW
Besluit van het MAT van 27 mei 2025 betreffende voorontwerp jaarrekening 2024 Nazareth
Besluit van het vast bureau van 2 juni 2025 betreffende kennisnemen jaarrekening 2024 Nazareth - deel OCMW
Fractie BLAUW: Ik zal mij onthouden om reden van de kas van Nazareth/De Pinte ziet er niet zo rooskleurig uit. Het is dus duidelijk welke gemeente beter zal worden door de fusie.
Fractie Vooruit onthoudt zich omdat dit de jaarrekening is van Nazareth, dit is van voor de fusie en kan ik niet over oordelen.
De fractie ruimte onthoudt zich. De jaarrekening is de (financiële) vertaling van het gevoerde beleid.
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de jaarrekening 2024 Nazareth - deel OCMW vast.
De selectieleidraad voor de opdracht "Afsluiten van de hospitalisatieverzekering voor gemeente en OCMW" wordt goedgekeurd. Gemeente Sint-Martens-Latem wordt gemandateerd om op te treden als aankoopcentrale in naam van OCMW Nazareth-De Pinte.
Wet van 29 juli 1991 houdende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen
Koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten, en latere wijzigingen
Wet van 17 juni 2013 houdende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies, en latere wijzigingen
Wet van 17 juni 2016 en latere wijzigingen inzake overheidsopdrachten, meer bepaald artikel 38, § 1, 1° c) (Voorafgaande onderhandelingen noodzakelijk wegens specifieke omstandigheden) en artikel 57, en meer bepaald artikelen 2, 6° en 47 (Gecentraliseerde aankoopactiviteiten en aankoopcentrales)
Koninklijk besluit van 18 april 2017 houdende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren, en latere wijzigingen
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 326 tot en met 341 houdende het bestuurlijk toezicht
Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, meer bepaald artikelen 77 en 78, houdende de bevoegdheden van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Bestuursdecreet van 7 december 2018
Er moet een nieuwe hospitalisatieverzekering worden voorzien voor gemeente en OCMW Nazareth-De Pinte vanaf 1 januari 2026.
Er wordt geopteerd om samen te werken met gemeente en OCMW Sint-Martens-Latem, naar analogie met de andere overeenkomsten voor verzekeringen.
Er wordt geopteerd om voor het afsluiten van deze nieuwe hospitalisatieverzekering samen te werken met makelaar AON, eveneens naar analogie met de andere overeenkomsten voor verzekeringen.
Er wordt geopteerd om de opdracht te gunnen voor 1 jaar met de mogelijkheid tot 5 verlengingen, telkens van 1 jaar. Op deze manier kan de opdracht de volledige legislatuur doorlopen.
De uitgave voor OCMW Nazareth-De Pinte wordt geraamd op € 46.316,05 incl. btw per jaar.
De totale uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 953.067,48 euro incl. btw.
Er wordt voorgesteld de opdracht te gunnen bij wijze van de mededingingsprocedure met onderhandeling. Dit is een tweestapsprocedure waarbij in een eerste fase een selectie wordt gemaakt van geschikte kandidaten. In een tweede fase dienen de geselecteerde kandidaten dan een offerte in. Voor de eerste fase wordt gebruik gemaakt van een selectieleidraad, in de tweede fase zal gebruik worden gemaakt van een gunningsleidraad.
Rekening houdende met voorgaande stelde Aon Belgium, geregistreerd bij de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer BE 0426.531.863, Telecomlaan 5-7 te 1831 Diegem voor de opdracht “Afsluiten van de hospitalisatieverzekering" voor gemeente en OCMW Sint-Martens-Latem en gemeente OCMW Nazareth-De Pinte de selectieleidraad op.
Gemeente Sint-Martens-Latem zal optreden als aankoopcentrale in naam van OCMW Sint-Martens-Latem, Gemeente Nazareth-De Pinte en OCMW Nazareth-De Pinte voor het voeren van de overheidsopdrachten. De besturen zullen individueel instaan voor de uitvoering van de opdracht na de gunning.
De selectieleidraad zal worden goedgekeurd in de gemeenteraad van Sint-Martens-Latem op 23 juni 2023.
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de raming en de selectieleidraad goed voor de opdracht “Afsluiten van de hospitalisatieverzekering voor gemeente en OCMW ”, opgesteld door Aon Belgium, geregistreerd bij de Kruispuntbank van Ondernemingen onder nummer BE 0426.531.863, Telecomlaan 5-7 te 1831 Diegem. De raming bedraagt € 277.896,30 euro incl. btw.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn gunt bovengenoemde opdracht bij wijze van de mededingingsprocedure met onderhandeling.
Artikel 3
Gemeente Sint-Martens-Latem wordt gemandateerd om de procedure te voeren en in naam van OCMW Nazareth-De Pinte bij de gunning van de opdracht op te treden.
Artikel 4
In geval van een juridisch geschil omtrent deze overheidsopdracht, is elk deelnemend bestuur mee verantwoordelijk voor alle mogelijke kosten in verhouding tot zijn aandeel in de opdracht.
Artikel 5
Afschrift van deze beslissing wordt bezorgd aan gemeente Sint-Martens-Latem.
Artikel 6
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal en Europees niveau.
De principebeslissing betreffende steunverlening voor ziekenfondsbijdrage en zorgpremie wordt opgeheven.
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
De wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 77 en 78
OCMW Nazareth had een principebeslissing tot ten laste name van de ziekenfondsbijdrage en de zorgpremie voor personen die een leefloon of equivalent leefloon ontvingen en voor personen die recht hebben op een persoonsvolgend budget én een basisinkomen hebben lager of gelijk aan het leefloon volgens categorie mits ze verblijven in een door het VAPH erkende zorgaanbieder en gedomicilieerd zijn in Nazareth. De toelage was beperkt tot de jaarbijdrage van de mutualiteit en de jaarbijdrage voor de zorgpremie mits voorlegging van de factuur. De individuele aanvragen dienden ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Bij leefloon was dit ten laste van het lokaal bestuur, bij equivalent leefloon kon dit gerecupereerd worden bij de POD. Er waren de afgelopen jaren geen aanvragen van personen die recht hebben op een persoonsvolgend budget.
Er wordt voorgesteld om de principebeslissing op te heffen aangezien betrokkenen die recht hebben op leefloon zich kosteloos kunnen aansluiten bij HZIV (hulpkas voor ziekte- en invaliditeitsverzekering). Personen die recht hebben op een equivalent leefloon en voldoen aan de voorwaarden van de pod kunnen nog steeds een ten laste name vragen. Voor deze personen kan dan ook een recuperatie ingediend worden bij de POD.
Behoeftige personen behouden de mogelijkheid om een individuele hulpvraag te stellen, waarna op basis van hun concrete situatie wordt beslist of de steun ten laste genomen wordt of terugvorderbaar is.
Budgetten zijn voorzien op mutualiteitsbijdragen, ziekte en invaliditeit 2025/GL3-03-03/0900-02/648421/OCMW/SOC-SOC/IP-GEEN: 2402 euro - deze premie komt deels te vervallen en kan deels opgenomen worden voor transportkosten.
Gunstig advies van het BCSD van 12 juni 2025
Enig artikel
De principebeslissing, goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn van Nazareth, van 3 februari 2020 betreffende steunverlening voor ziekenfondsbijdrage en zorgpremie, zoals gehecht in bijlage, wordt opgeheven.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing voor de tenlasteneming van het abonnement vervoersgarantie vast.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 77 en 78
Bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Om de aanvragen om een tenlasteneming van de kosten voor een abonnement van De Lijn met vervoersgarantie gelijk en efficiënt te behandelen, is het noodzakelijk om tot een eenvormige principebeslissing te komen.
Begunstigden van het recht op maatschappelijke integratie in de vorm van een leefloon of van het recht op maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent leefloon, kunnen aanspraak maken op een abonnement “vervoersgarantie” bij vervoersmaatschappij De Lijn.
De prijs bedraagt dan 54 euro per jaar (per 2025), ongeacht de leeftijd. Kinderen jonger dan 6 jaar oud reizen gratis. De digitale drager voor het abonnement, de MoBIB-kaart, kost 6 euro en blijft vijf jaar geldig. Bij verlies kost een duplicaat van de MoBIB-kaart 10 euro.
Het aanbod van De Lijn vergroot de kansen op maatschappelijke integratie en verruimt de kansen op tewerkstelling, waardoor het gebruik ervan gestimuleerd dient te worden. Zo is er een busverbinding naar onder andere de stadscentra van Gent en Deinze. Het abonnement kan ondanks de korting echter moeilijk te betalen zijn voor (equivalent) leefloongerechtigden, waardoor een tenlasteneming ervoor kan zorgen dat zij hun mobiliteit kunnen verhogen.
Wanneer de rechthebbende om een abonnement verzoekt, vraagt het OCMW via het webportaal van De Lijn een abonnement met vervoersgarantie aan. De begunstigde ontvangt vervolgens een brief of e-mail met de betalingsuitnodiging en dient deze te bezorgen aan de maatschappelijk werker. Vervolgens kan deze kost, beperkt tot de jaarprijs van het abonnement vervoersgarantie en de eerste MoBIB-kaart, ten laste genomen worden voor de begunstigde, diens leefloongerechtigde partner en de minderjarige kinderen ten hunne laste.
Budgetten zijn voorzien op transportkosten 2025/GL3-03-03/0900-02/648422/OCMW/SOC-SOC/IP-GEEN: 4750 euro
Er zijn ook budgetten voorzien op mutualiteitsbijdragen, ziekte en invaliditeit 2025/GL3-03-03/0900-02/648421/OCMW/SOC-SOC/IP-GEEN: 2402 euro - deze premie komt deels te vervallen en kan deels opgenomen worden voor transportkosten.
Het resterend tekort wordt in de eerstvolgende meerjarenplanaanpassing opgenomen.
Gunstig advies van het BCSD van 12 juni 2025
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing voor de tenlasteneming van het abonnement vervoersgarantie vast.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het principe vast om het abonnement vervoersgarantie en de eerste MoBIB-kaart ten laste te nemen van de gerechtigden op een (equivalent) leefloon, hun (equivalent) leefloongerechtigde partner en de minderjarige kinderen ten hunne laste.
Artikel 3
Dit reglement treedt in werking vanaf 1 juli 2025.
Artikel 4
De beslissing van de raad voor maatschappelijk welzijn van De Pinte betreffende de principiële ten laste name abonnementen De Lijn voor RMI-cliënten en hun kinderen wordt opgeheven vanaf 01 juli 2025.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing vast om bij aanvragen tot maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent aan het leefloon de behoeftigheid te bepalen op basis van REMI.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 77 en 78
Bevoegdheid van het bijzonder comité voor de sociale dienst
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen., meer bepaald artikel 60, §1 en §3
Wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Om te komen tot een uniforme en meer rechtvaardige bepaling van de behoeftigheid bij aanvragen om maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent aan het leefloon, is het noodzakelijk om te komen tot een principebeslissing hierover.
Over aanvragen om maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent leefloon wordt door het bijzonder comité voor de sociale dienst een beslissing genomen op basis van een sociaal onderzoek.
Dat sociaal onderzoek besluit met een nauwkeurige diagnose nopens het bestaan en de omvang van de behoefte aan dienstverlening en stelt de meest passende middelen voor om daarin te voorzien. De financiële hulpverlening, zoals het equivalent leefloon, kan bij beslissing van het OCMW onderworpen worden aan dezelfde voorwaarden van het recht op maatschappelijke integratie. Deze regelgeving staat toe om een nauwkeurigere behoefteanalyse te laten plaatsvinden die de werkelijke financiële nood van het gezin in kaart brengt.
Er wordt voorgesteld om voor de aanvragen om een equivalent leefloon voortaan te berekenen op basis van een behoefteanalyse via de REMI-toepassing (Referentiebudgetten Menswaardig Inkomen). Deze toepassing berekent, op basis van de reële kosten en enkele referentiebudgetten, het maandbudget dat het gezin nodig heeft om een menswaardig bestaan te leiden. Voor het uniform gebruik van deze toepassing werd een afsprakenkader uitgewerkt. De POD MI promootte het gebruik van de REMI-toepassing in 2024 voor het toekennen van aanvullende financiële hulp en voorzag in een subsidiëring voor de licentiekost ervan De licentiekost voor de periode van mei 2025 tot en met april 2026 bedraagt € 4232.
Als het gezinsinkomen ontoereikend is om een menswaardig bestaan te verzekeren, dan resulteert de berekening in een negatief saldo. Hieruit kan de behoeftigheid van het gezin blijken, waardoor een equivalent leefloon toegekend kan worden aan de aanvragers die aan de overige voorwaarden voldoen.
Het equivalent leefloon bedraagt maximaal het baremabedrag leefloon van de toepasselijke gezinscategorie, beperkt tot het tekort in het gezinsinkomen berekend door REMI.
Wanneer er meerdere aanvragers equivalent leefloon zijn, wordt het tekort evenredig volgens de gezinscategorie verdeeld over de aanvragers.
Wanneer het resultaat van de REMI-berekening positief is, dan is het gezinsinkomen toereikend en is er bijgevolg geen recht op een equivalent leefloon.
Budgetten zijn voorzien op 2025/GL3-02-01/0900-02/648110/OCMW/SOC-SOC/IP-GEEN
Gunstig advies van het BCSD van 12 juni 2025
Fractie BLAUW: Wanneer er LF wordt verleend en aanvullende financiële hulp, dan moet men er steeds over waken dat er nog een spanningsveld is met de minimumlonen. Er moet steeds een trigger zijn dat men steeds beter af is als men werkt. Zoveel mogelijk cliënten activeren op maat van ieder zijn kunnen, moet de doelstelling zijn. Werken, een job hebben is nog steeds de hefboom om uit die armoedespiraal te geraken.
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing vast om bij aanvragen tot maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent aan het leefloon de behoeftigheid te bepalen op basis van REMI.
Artikel 2
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het principe vast om het bedrag van het recht op maatschappelijke hulp in de vorm van een equivalent leefloon gelijk te stellen aan het baremabedrag leefloon van de toepasselijke gezinscategorie, beperkt tot het tekort in het gezinsinkomen berekend via de REMI-toepassing.
Artikel 3
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt het gebruik van het afsprakenkader in bijlage voor het gebruik van de REMI-toepassing vast.
Artikel 4
Deze principebeslissing treedt in werking op 1 juli 2025.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing vast om bij aanvragen voor recht op maatschappelijke integratie in de vorm van een leefloon door meerderjarige aanvragers die inwonen bij hun ouder(s) en aan alle voorwaarden voldoen volgens bepaalde modaliteiten.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, in het bijzonder de artikelen 77 en 78
Wet van 2 april 1965 betreffende het ten laste nemen van de steun verleend door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en latere wijzigingen
Wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Regelmatig worden er aanvragen voor het recht op maatschappelijke integratie in de vorm van een leefloon ingediend door meerderjarige kinderen die nog thuis inwonen en wiens ouder(s) over een inkomen beschikken. Om die aanvragen gelijkaardig te behandelen dringt een principebeslissing zich op.
De maatschappelijk werkers willen graag een vaste leidraad hebben om soortgelijke dossiers te behandelen.
Volgens de regelgeving moet aan elke meerderjarige aanvrager, die aan alle voorwaarden voldoet om een leefloon te ontvangen, dit recht toegekend worden.
Het OCMW kan voor de berekening van het leefloon van de aanvrager geheel of gedeeltelijk rekening houden met de bestaansmiddelen van de meerderjarige ascendenten en descendenten van de eerste graad. Het gaat dus concreet over de bestaansmiddelen van de samenwonende ouder(s) en/of samenwonend(e) kind(eren) boven het niveau van de categorie samenwonende, berekend zoals voor een aanvrager van het leefloon.
Uitzonderingen:
Er mag wel rekening gehouden worden met het inkomen van de inwonende ouder(s).
Het voorstel is om bij de berekening van de bestaansmiddelen van inwonende meerderjarige kinderen rekening te houden met het inkomen van de ouder(s) boven het categoriebedrag leefloon dat op de ouder(s) van toepassing zou zijn op basis van hun gezinssituatie:
Voorstel om dit principe toe te passen vanaf heden. Beslissingen uit het verleden te herbekijken bij herziening van het dossier of bij aanvraag leefloon van een nieuw meerderjarig gezinslid.
De nodige kredieten zijn voorzien in het meerjarenplan.
Gunstig advies van het BCSD van 12 juni 2025
Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt de principebeslissing om bij aanvragen voor recht op maatschappelijke integratie in de vorm van een leefloon door meerderjarige aanvragers die inwonen bij hun ouder(s) en aan alle voorwaarden voldoen vast volgens volgende modaliteiten:
Artikel 2
Onderhavige principebeslissing is van toepassing met ingang van 1 juli 2025
Artikel 3
Beslissingen uit het verleden worden herbekeken bij herziening van het dossier of bij de aanvraag leefloon van een nieuw meerderjarig gezinslid.
Artikel 4
Deze principebeslissing vervangt alle voorgaande beslissingen in deze van de gewezen lokale besturen Nazareth en De Pinte.
Er zijn geen mondelinge vragen van inwoners m.b.t. de in openbare zitting behandelde punten.
Enig artikel
Er zijn geen mondelinge vragen van inwoners m.b.t. de in openbare zitting behandelde punten.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de mondelinge vragen en antwoorden.
Na afhandeling van de agenda van de openbare vergadering kunnen de raadsleden mondelinge vragen stellen over gemeentelijke aangelegenheden, die niet op de agenda van de raad staan. Volgende vragen worden gesteld:
Enig artikel
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de mondelinge vragen en antwoorden.
Namens Raad voor maatschappelijk welzijn,
Steven Van de Velde
algemeen directeur
Vincent Van Peteghem
voorzitter